vrijdag 21 juni 2019 07:44

Gevolgen Pensioenakkoord 2019

De regering, werkgevers en werknemers hebben afspraken gemaakt over een aantal veranderingen in het pensioenstelsel. Deze afspraken staan in het voorlopig Pensioenakkoord 2019. De veranderingen raken vrijwel iedereen. Hieronder vindt u een overzicht van de voorgestelde veranderingen.

Het Pensioenakkoord is nog niet definitief!

De leden van de vakbonden zijn akkoord met de voorstellen.De Tweede Kamer steunt het Pensioenakkoord maar de Eerste Kamer de voorstellen nog goedkeuren. Op deze pagina houden we alle veranderingen bij.

Uitwerking Pensioenakoord 2019

Hoewel alle partijen zich positief hebben uitgesproken over het Principeakkoord, is niet iedereen er nog helemaal gerust op. Veel zal afhangen van hoe de gemaakte afspraken concreet worden uitgewerkt.

AOW-leeftijd gaat minder snel omhoog

Tot 2021 blijft de AOW-leeftijd 66 jaar en 4 maanden. Daarna gaat de AOW-leeftijd in een paar stappen omhoog:

  • In 2022 is de AOW-leeftijd 66 jaar en 7 maanden.
  • In 2023 is de AOW-leeftijd 66 jaar en 10 maanden.
  • In 2024 is de AOW-leeftijd 67 jaar.

Na 2024 gaat de verhoging van de AOW-leeftijd door, maar minder snel dan nu het geval is. 

Vroegpensioen 3 jaar voor uw AOW-leeftijd

Op dit moment moet uw werkgever een hoge boete betalen als uw van uw werkgever geld krijgt om met vervroegd pensioen te gaan. Vanaf 2021 betaalt uw werkgever die boete niet als:

  • u 3 jaar voor uw AOW-leeftijd met pensioen gaat, en
  • u van uw werkgever maximaal € 19.000 per jaar ontvangt vanaf de datum waarop u stopt met werken tot uw AOW-leeftijd.

Werkgevers en werknemers moeten hierover nog afspraken maken.

Hier vindt u meer informatie over de mogelijike wijzigingen om eerder te stoppen met werken.

Pensioen en arbeidongeschiktheid voor zzp'ers

Er komt waarschijnlijk geen verplicht pensioen voor zzp'ers. Wel kunnen ze makkelijker deelnemen aan een pensioenregeling. Zzp'ers krijgen wel te maken met een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering. Alleen als ze zelf voldoende middelen hebben voor een inkomen bij ziekte, geldt de verplichting niet. De voorwaarden weten we op dit moment nog niet.

Pensioenopbouw bij pensioenfondsen

De pensioenopbouw bij pensioenfondsen gaat veranderen. Als u pensioen opbouwt bij een pensioenfonds, betaalt uw werkgever voor elke werknemer evenveel premie. Het maakt niet uit hoe oud de werknemers zijn.

Daardoor betaalt een werkgever voor jongere werknemers te veel premie en voor oudere werknemers te weinig. Dat systeem (de doorsneepremie) werkte ooit goed, maar nu niet meer. Daarom gaat dit veranderen. De verwachting is dat jouw pensioenpremie helemaal voor uw pensioen is. Wat dat precies betekent, moeten we nog afwachten.

Wat is de doorsneepremie?

Bijna alle pensioenfondsen gebruiken de zogenaamde doorsneepremie. Hierbij betaalt de werkgever voor elke werknemer dezelfde premie, hoe oud de werknemer ook is. Door dit systeem betaalt een werkgever voor werknemers tot ongeveer 45 jaar 'te veel' en oudere werknemer 'te weinig'. 

Zo betalen jongere werknemers voor het pensioen van oudere werknemers. In een tijd waarin werknemers hun hele leven hetzelfde pensioenfonds blijven, werkt dat goed. Maar de arbeidsmarkt is veranderd. Er zijn meer zelfstandigen en mensen wisselen vaker van baan.

Daarnaast speelt ook de vergrijzing een rol. Om deze en meer redenen is de doorsneepremie niet meer van deze tijd. Daarom bestaat al langer de wens om dit systeem aan te passen. Dat heeft wel gevolgen voor de pensioenopbouw. Wat dat precies betekent, is nu nog niet duidelijk.

Pensioenopbouw bij verzekeraars

Ook de pensioenopbouw bij verzekeraars gaat veranderen. Bij verzekeraars is de hoogte van de pensioenpremie afhankelijk van de leeftijd van de werknemer. Voor jonge werknemers betaalt een werkgever (veel) minder pensioenpremie dan voor oude(re) werknemers. Het is de bedoeling dat een werkgever straks voor elke werknemer evenveel premie betaalt. Het maakt dan niet uit hoe oud de werknemer is. Wat dat betekent voor uw pensioen, is nog onduidelijk. Op de website van Edmon Halley vindt u een duidelijke toelichting over de mogelijke gevolgen voor beschikbare premie regelingen.

Meer werknemers moeten pensioen opbouwen

Er zijn nog steeds veel werknemers die geen pensioen opbouwen. Daarnaast bouwen uitzendkrachten vaak pas pensioen op als ze minimaal 26 weken werken. In het voorlopig Pensioenakkoord 2019 is afgesproken dat meer werknemers pensioen moeten gaan opbouwen. Het is nog niet duidelijk hoe dat gaat uitpakken.

En de pensioenkortingen?

U heeft het waarschijnlijk wel gelezen of gehoord. Veel pensioenfondsen moeten de pensioenuitkeringen verlagen. Dat is nodig om aan de pensioenregels te voldoen. De afspraken uit het voorlopige Pensioenakkoord 2019 betekenen dat uw pensioen misschien gelijk blijft of minder daalt. Wat er precies met uw pensioen gebeurt, hangt af van het pensioenfonds waar u pensioen opbouwt.

Wat betekent het voorlopig Pensioenakkoord 2019 voor jouw pensioen?

Op de website wijzeringeldzaken.nl kunt u een persoonlijk overzicht krijgen van de mogelijke gevolgen van het het nieuwe Pensioenakoord 2019.

Aanvullende informatie

Laatst aangepast op maandag 24 juni 2019 13:34